IOB-rapport: Voorkomen is beter dan genezen

Paul Nedermeijer

Had de ebola-uitbraak niet voorkomen kunnen worden? Waarom was er niet eerder alarm geslagen? Waar was de WHO eigenlijk? En wat was rol van de Nederlandse regering bij het opvolgen van eerdere aanbevelingen om de WHO slagvaardiger te maken? Deze vragen stonden aan de basis van de lang verwachte IOB-evaluatie Voorkomen is beter dan genezen – Evaluatie over Nederland en de WHO 2011-2015.

Wemos is verheugd dat het rapport gepubliceerd is omdat het bevestigt wat Wemos al langer zegt: een Nederlandse mondiale strategie voor gezondheid is van essentiële waarde omdat het verschillende nationale beleidsterreinen met elkaar verbindt om te komen tot een meer coherent, intersectoraal en internationaal gezondheidsbeleid.

 

Twijfels over de capaciteiten van de WHO

De aanleiding van het rapport was de twijfel die ontstaan was over de operationele capaciteit van de WHO om adequaat te reageren op de ebola-uitbraak. Het rapport concludeert dat er weinig opvolging gegeven is aan de aanbevelingen die sinds 2011 zijn gedaan om de capaciteit van de WHO op het terrein van rampenparaatheid en respons te versterken.

 

Het rapport stelt dat de problemen hun oorsprong vinden in:

  • Onvoldoende aandacht voor de opbouw van gezondheidssystemen, zowel op landenniveau als binnen de internationale donorgemeenschap;
  • Onvoldoende prioriteit voor de opbouw van de kerncapaciteiten die de International Health Regulations (IHR) vereisen voor het tijdig identificeren, bestrijden en voorkomen van uitbraken van potentieel grensoverschrijdende ziekten;
  • Interne WHO-problemen, zoals het ontbreken van één aansturingslijn, gebrekkige procedures en communicatielijnen en door onvoldoende samenwerking met andere (VN)actoren bij grootschalige crises;
  • Het ontbreken van structurele financiering voor het WHO-werk op het gebied van de paraatheid en respons in noodsituaties, in combinatie met het oormerken van bijdragen voor specifieke onderdelen van het programmabudget en het vasthouden aan een financieringsbeleid van nominale nulgroei.

 

Het kabinet geeft in haar reactie op het rapport aan dat ze de kritische bevindingen onderschrijft. De capaciteit van de WHO op het gebied van gezondheidscrises moet versterkt worden en er moet een duidelijke aansturingslijn zijn. In het rapport stellen de onderzoekers dat de Nederlandse overheid weinig aandacht had voor de mogelijke gevolgen van ziekte-uitbraken buiten Nederland voor de Nederlandse samenleving zelf. Bovendien concluderen ze in het rapport dat de ebola-uitbraak voor Nederland heeft gefunctioneerd als een alarmsignaal. De noodzaak voor een hervorming van de WHO-capaciteit voor rampenparaatheid en respons wordt inmiddels breed gedragen.

 

Noodzaak

De ebola-crisis heeft aangetoond dat landen oprukkende infectieziekten niet alleen kunnen bestrijden. Een sterke, efficiënte en goed functionerende WHO staat aan de basis van een effectieve bestrijding. De onderzoekers onderschrijven de noodzaak van:

  • Serieuze aandacht voor de implementatie van de IHR;
  • Verandering van de financiering van de WHO: meer structurele financiering door hogere verplichte bijdragen;
  • Versterking van de institutionele capaciteit van de organisatie en het instellen van: een apart Programme for Emergency Preparedness and Response dat de noodhulptaken van de organisatie coördineert, een noodfonds dat in staat is snel geld te mobiliseren, en een workforce die snel ter plaatse kan zijn in het geval van een grootschalige ziekte-uitbraak of humanitaire ramp;
  • Verandering van de structuur van de organisatie: één aansturingslijn bij ziekte-uitbraken en humanitaire rampen;
  • Versterking van de internationale samenwerking bij ziekte-uitbraken en humanitaire rampen, ook binnen het humanitaire systeem van de VN.

 

Hoewel de eerste stappen in de goede richting gezet zijn, concluderen de onderzoekers ook dat de donkere wolken boven het WHO-hoofdkantoor nog niet zijn verdwenen. Een noodfonds is ingesteld, maar de financiering ervan schiet tekort. Ook de discussies tijdens de Executive Board meetings maken duidelijk dat de lidstaten nog altijd van mening verschillen over de structurele problemen binnen de WHO.

 

Van een internationale gezondheidsagenda naar een Nederlandse Global Health Strategy

Wemos pleit al jaren voor een Nederlandse mondiale strategie voor gezondheid. Het IOB stelt terecht in deze evaluatie dat een dergelijke strategie van toegevoegde waarde kan zijn. Een Nederlandse Global Health Strategy erkent dat het beschermen van de eigen, nationale volksgezondheid onder andere samengaat met het verbeteren van de mondiale volksgezondheid, het voldoen aan de verplichtingen onder de IHR, het opbouwen van capaciteit in de volksgezondheidsector in lage- en middeninkomenslanden en het geven van steun aan de volksgezondheid bij humanitaire rampen.

 

Helaas geeft het kabinet in haar reactie op de evaluatie aan dat ze geen meerwaarde ziet in het opstellen van een nieuwe strategie. Wel is er voor de komende periode een gezamenlijke internationale gezondheidsagenda opgesteld met een focus op grensoverschrijdende gezondheidsbedreigingen, terugdringen van antibioticaresistentie, seksuele en reproductieve gezondheid en rechten en toegang tot geneesmiddelen.

 

Wemos is van mening dat deze agenda een goede stap is richting een Nederlandse Global Health Strategy. Een dergelijke strategie kan immers fungeren als een effectief kader voor de nationale overheid om verschillende beleidsterreinen met elkaar te verbinden. Zo ontstaat er een meer coherent, intersectoraal en internationaal beleid. In onze geglobaliseerde wereld is zo’n aanpak essentieel, want zeg nu zelf, voorkomen is beter dan genezen.

 

Lees hier meer over een nationale Global Health Strategy

Het IOB-rapport is hier te downloaden

Recente Blog items

‘Blended finance’ in de gezondheidszorg: draagt het bij tot billijke toegang tot gezondheidsdiensten?

31-01-2023

Door Marco Angelo  (global health advocate bij Wemos)

 

De laatste jaren groeit de belangstelling voor het inzetten van ‘blended finance’ om de toegang tot gezondheidszorg te verbeteren. Blended finance is een financiële constructie waarbij publieke middelen worden gecombineerd met particuliere investeringen om meer middelen voor duurzame ontwikkelingsprogramma’s te genereren. Het aantrekken van particuliere investeerders in ontwikkelingsfinanciering kan echter leiden tot onrechtvaardige resultaten. In dit artikel belichten we de gevolgen van blended finance voor gezondheidszorg en benadrukken we het belang van het waarborgen van eerlijke toegang.

 

Lees verder

Drie manieren om duurzame financiering voor gezondheidsbescherming te realiseren

01-06-2022

Door Mariëlle Bemelmans (directeur bij Wemos) en Myria Koutsoumpa (global health advocate bij Wemos)

Bij Wemos vinden we dat systeemverandering een effectievere manier is om health equity (eerlijke toegang tot zorg voor iedereen) te bereiken dan het aanpakken van de individuele elementen van gezondheidssystemen. We waren dan ook verheugd met de uitnodiging van de Belgische ontwikkelingsorganisatie Enabel – die zich richt op (onder andere) het versterken van gezondheidssystemen – om te spreken op de ‘International conference on social health protection’ in Niamey, Niger (10-13 mei). We deelden onze visie over duurzame financiering voor gezondheid en sociale bescherming met vertegenwoordigers uit tien Afrikaanse landen, bi- en multilaterale instellingen, academische instellingen en maatschappelijke organisaties.

Lees verder
nl_NLDutch