Waarom het platteland in Tanzania kampt met een dokterstekort

Renée de Jong

 

Wemos gelooft in evidence-based pleitbezorging. Dit houdt ook in dat we contact houden met mensen die in het veld werken, en naar hun verhalen luisteren. Bij de 70e World Health Assembly afgelopen mei grepen Paul Nedermeijer en ik dan ook de kans aan om samen te werken met People’s Health Movement (PHM) en het WHO Watch team. Iemand die hiervan deel uitmaakte was Godfrey Philimon, een zeer gemotiveerde Tanzaniaanse gezondheidspleitbezorger. Mijn interview met hem gaat over zijn kijk op de huidige situatie rondom zorgpersoneel (alle dokters, verloskundigen, en al het andere personeel wat nodig is voor een gezondheidssysteem) in Tanzania.

Godfrey Philimon is de coördinator voor PHM in Tanzania. Het doel van PHM is om het recht op gezondheid te realiseren voor de Tanzaniaanse bevolking. Godfrey werkt vrijwillig voor PHM; in het dagelijks leven is hij boer in een dorp dat vijf kilometer van Dar Es Salaam vandaan ligt, waar hij kippen en fruit houdt. Hij heeft een bachelor diploma politicologie en bestuurskunde behaald. Na lessen gevolgd te hebben in een internationaal universiteitsprogramma over volksgezondheid, ‘The struggle for health’, besloot hij om een carrière in publieke gezondheid op te bouwen, en om PHM in Tanzania verder uit te breiden.

 

‘Ik ben erg tevreden met mijn carrière en voel publieke gezondheid in hart en nieren.’

 

Zorgpersoneel in Tanzania

Volgens Godfrey is het personeelstekort een van de grootste problemen dat speelt in de zorgsituatie in Tanzania. Er zijn maar 5,2 zorgwerkers per 10.000 mensen: een aantal dat te laag is voor een sterk gezondheidssysteem, en dat maar eenvijfde is van wat de Wereldgezondheidsorganisatie aanbeveelt. Slechte arbeidsomstandigheden en een gebrek aan financiën en materieel zijn slechts twee van de onderliggende redenen voor de scheve verhouding. Volgens Godfrey kaarten belanghebbenden, waaronder patiënten, de situatie nauwelijks aan.

 

Een ander probleem is dat zorgprofessionals, zoals artsen en verpleegkundigen, wel opgeleid worden, maar vervolgens niet opgenomen worden in het publieke gezondheidssysteem. ‘Velen zijn werkloos vanwege financiële problemen bij de overheid,’ zegt Godfrey. De overheid en grote donoren hebben te weinig aandacht geschonken aan zorgpersoneel. ‘De drijvende kracht achter het functioneren van een gezondheidssysteem – de zorgprofessional – is te lang verwaarloosd geweest.’ Hoewel er veel geld is voor medicijnen, blijven zorgprofessionals onderbetaald. Godfrey benadrukt dat er gepleit moet worden voor meer financiële steun van donoren, zodat landen het nodige aan medische professionals kunnen mobiliseren.

 

Brain drain

Het huidige financiële tekort leidt tot brain drain: vooral het platteland, waar het merendeel van de Tanzaniaanse bevolking woont, kampt met een zorgpersoneelstekort. Omdat er geen middelen zijn om bij te houden waar zorgprofessionals precies naartoe verhuizen voor werk – zowel in als buiten Tanzania – zijn exacte cijfers lastig te achterhalen. Door erbarmelijke leefomstandigheden op het platteland wonen ze liever in de stad, en omdat het nationale gezondheidssysteem amper werk biedt is men genoodzaakt om in andere sectoren werk te zoeken. Afgestudeerde zorgprofessionals voelen zich dan ook meer aangetrokken – ook wel het ‘pull-effect’ genoemd – tot andere steden, de particuliere sector, buurlanden of zelfs andere landen. Maar dit raakt met name het platteland, dat achterblijft zonder het zorgpersoneel dat het zo hard nodig heeft.

 

‘De migratie van medische professionals zorgt er niet alleen voor een nationaal tekort aan medische professionals, maar leidt ook tot een hogere morbiditeit en mortaliteit.’

 

Mondiale samenwerking

Wemos gelooft dat het versterken van civil society vanuit de basis belangrijk is om zo verandering mogelijk te maken. Zo licht Godfrey toe: ‘De WHO geeft wel steun aan deze landen, maar als overheden geen goede strategieën, beleid of raamwerken maken die aan de zorgbehoeftes van hun burgers voldoen, dan zal er niks bereikt worden.’ En dit is juist van cruciaal belang. ‘Er zijn gezondheidsuitdagingen die op nationaal niveau bepleit moeten worden, en andere weer op mondiaal niveau. Als we als pleitbezorgers voor gezondheid mondiaal samenwerken, zullen we ook effectiever zijn.’

Recente Blog items

Tijd voor echte ‘innovatieve’ financiering van gezondheid!

21-12-2020

Myria Koutsoumpa, Rosana Lescrauwaet en Mariska Meurs

Deze blog is eerder gepubliceerd (in het Engels) op de website van Health Financing for Africa

Het lukt veel landen in Afrika niet om voldoende financiële middelen te verzamelen om toegang tot goede zorg voor iedereen (Universal Health Coverage) te garanderen. Hoe belangrijk de inspanningen van de landen zelf ook zijn, het is niet voldoende. De wereld heeft een collectieve verantwoordelijkheid om illegale geldstromen uit lage- en middeninkomenslanden te stoppen. Hiermee zouden enorm veel middelen vrijkomen, die ingezet kunnen worden voor gezondheid.

Lees verder

Meer betrokkenheid en inclusiviteit in de GFF-strategie – een lobbysucces

26-11-2020

Myria Koutsoumpa

De Global Financing Facility (GFF) – een wereldwijd gezondheidsinitiatief dat zich richt op het stoppen van vermijdbare sterfgevallen en het verbeteren van levens van vrouwen, kinderen en adolescenten in lage- en middeninkomenslanden – evolueert. Voortdurende lobby en belangenbehartiging door het maatschappelijk middenveld hebben de richting van de GFF beïnvloed, waardoor het inclusiever wordt. In dit blog gaan we dieper in op hoe Wemos de nieuwe strategie van dit grote wereldwijde gezondheidsinitiatief beïnvloedde, in samenwerking met onze partners en netwerken.

Lees verder